Broed­vo­gel­stand gehal­veerd

Vol­gens Rein is het belang­rijk om aan­dacht te beste­den aan bio­di­ver­si­teit: “Sim­pel­weg omdat de natuur ach­ter­uit holt als we dit niet doen. In Neder­land is de broed­vo­gel­stand van de grut­to de afge­lo­pen 20 jaar bij­voor­beeld gehal­veerd. Ook bin­nen de gemeen­te­gren­zen van Haar­lem broe­den nog maar wei­nig wei­de­vo­gels. Afge­lo­pen voor­jaar waren er drie paar grutto’s in de Hek­sloot­pol­der. Deze bescher­men we door vos­sen­ras­ters te plaat­sen, in samen­wer­king met de vrij­wil­li­gers­groep en de ver­e­ni­ging Behoud Hek­sloot­pol­der. Maar liefst 90% van alle grutto’s in Euro­pa ver­blijft in Neder­land. Als we hem hier niet vol­doen­de bescher­men, dan ver­dwijnt hij. Geluk­kig vin­den veel Haar­lem­mers dat we als land én gemeen­te de more­le plicht heb­ben om zo’n bij­zon­de­re soort te bescher­men. Dat­zelf­de geldt voor broed­vo­gels als de kie­vit, gras­pie­per, ture­luur en slob­eend. Als die soor­ten een­maal uit Haar­lem ver­dwe­nen zijn, komen ze niet snel meer terug, omdat ze op ande­re plek­ken ook afne­men. En dat zou een gevoe­lig ver­lies zijn voor de bio­di­ver­si­teit in Haar­lem.”

Suc­ces­ver­ha­len

Geluk­kig zijn er ook suc­ces­ver­ha­len, ver­telt Rein: “Zoals een mooie klu­ten­ko­lo­nie in de Hek­sloot­pol­der die de afge­lo­pen jaren flink gro­ter is gewor­den. Ook het leef­ge­bied van de roer­domp, aan de oost- en zuid­rand van Haar­lem, is opge­knapt. In Neder­land broe­den zo’n 300 roer­dom­pen in totaal, waar­van 1% bin­nen de gemeen­te Haar­lem. Heel bij­zon­der voor een gro­te stad! In het broed­ge­bied van de roer­domp komen daar­naast ook veel ande­re soor­ten voor als snor, baard­man, water­ral, riet­gors en riet­zan­ger.”

Hij ver­volgt: “We wonen in een aan­ge­harkt land­je en ook bin­nen de land­bouw is er wei­nig ruim­te om de natuur zijn gang te laten gaan. De natuur als plek voor ont­span­ning en recre­a­tie zie je daar­door steeds meer ver­dwij­nen. De gemeen­te Haar­lem pro­beert dit een ande­re rich­ting in te duwen, bij­voor­beeld door ter­rei­nen weer in goe­de staat terug te bren­gen en ook bin­nen de bebouw­de kom te wer­ken aan meer natuur in de stad. Geluk­kig wordt er de laat­ste tijd steeds meer nage­dacht over behoud en com­pen­sa­tie. Een goed voor­beeld hier­van zijn de flats aan de rand van Schal­k­wijk. Tij­dens de reno­va­tie wor­den er ruim­tes gecre­ëerd waar­in vleer­mui­zen kun­nen ver­blij­ven.

Voor de inwo­ners van Haar­lem

Ook voor de inwo­ners van Haar­lem zijn er genoeg moge­lijk­he­den om zich in te zet­ten voor de natuur, aldus Rein: “Over­al zijn vrij­wil­li­gers­groe­pen actief, waar Natuur­lij­ke Zaken veel mee samen­werkt. Neem bij­voor­beeld de Hek­sloot­pol­der en de Meer­wijk­plas. Ik kan me voor­stel­len dat er ook in de bin­nen­stad nieu­we bewo­ners­groe­pen actief aan de slag zul­len gaan met groen­be­heer. Betrek­ken bij Groen (een ande­re afde­ling van Land­schap Noord-Hol­land) kan vrij­wil­li­gers cur­sus­sen aan­bie­den over onder­wer­pen als snoei­en en het omgaan met maai­ge­reed­schap. Ook geven we advies en hand­va­ten voor de orga­ni­sa­tie van zo’n vrij­wil­li­gers­groep. Bij­voor­beeld over hoe ze een stich­ting kun­nen wor­den en op die manier ook sub­si­die kun­nen aan­vra­gen. Kort­om: er lig­gen veel kan­sen voor men­sen uit de stad om iets met de natuur te gaan doen! En daar hel­pen wij ze graag bij.”

Meer infor­ma­tie over Natuur­lij­ke Zaken: www.landschapnoordholland.nl/zakelijk

Foto Rein Leguijt: Cees de Jon­ge